Logo van FUMO
  • Home
  • Nieuws
  • Interview Sylvie: “Mijn functietitel doet mijn werk tekort”

Interview Sylvie: “Mijn functietitel doet mijn werk tekort”

Sylvie werkt sinds 2017 voor de Fumo als toezichthouder milieu. “Over die term toezichthouder ontstaan wel eens misverstanden”. Volgens Sylvie wordt haar baan vaak vergeleken met die van stadswacht. “Maar de functie van toezichthouder bij de Fumo is wel degelijk wat anders.”

Hoe is dat suffe imago ontstaan?

“Als toezichthouder milieu bij de Fumo werk je in opdracht van de provincie, gemeenten of het Waterschap. Je bent dus in feite ambtenaar. Hierop scoort de functie vermoedelijk al z’n eerste minpunten. Bovendien is vaak niet duidelijk wat het werk precies inhoudt.”

Een stereotypering is een overdreven weergave van de werkelijkheid. Zit er toch een kern van waarheid in dat het een suffig beroep is?

(Lachend) “Er is wel flauwe kantoorhumor aanwezig en dat mag wat mij betreft ook mooi zo blijven! Maar aan ambitie is ook geen gebrek op onze afdeling. Een tekort aan ambitie herken ik sowieso niet in het profiel van de toezichthouder. Ik ken mijn collega’s juist als gedreven mensen met een hoog verantwoordelijkheidsgevoel. Ze zijn nauw betrokken bij de zaken waar ze aan werken en het zijn stuk voor stuk bevlogen mensen met veel kennis van zaken.

Als toezichthouder bij de Fumo krijg je eens per kwartaal een controlelijst van bedrijven die je de komende 3 maanden moet controleren. Zolang je deze controles uitvoert, je betrokken bent als teamlid en de ontwikkelingen binnen het vakgebied volgt, ben je verder vrij in hoe je je tijd indeelt. Ik werk mijn inspectieverslagen na de controles geregeld in de avonduren uit. Of in het weekend als er slecht weer is voorspeld. Zo hou ik tijd over voor mijn hobby’s: ik sport graag, help mee aan (roof)vogelonderzoek (sperwers), fotografeer graag (vogels, reeën, roofdieren) en rij wekelijks paard. Klinkt dit als een suffe ambtenaar?”

Kun je motiveren waarom je toezichthouder bent geworden?

“Mijn werkweek ziet er iedere keer anders uit. Ik werk voor verschillende opdrachtgevers, op steeds verschillende locaties, in verschillende branches met steeds andere mensen. De ene week zit ik de met de directeur en/of milieucoördinator van een bekende snoepfabriek om tafel, de week erop sta je met je voeten in de modder bij een scheepswerf. Dat maakt het werk enorm afwisselend. 

De constante factor in het werk blijft het toezien op een juiste naleving van de milieuwetgeving en de samenwerking met collega’s. Doorgaans is het zo dat een toezichthouder gespecialiseerd is in een bepaald thema zoals bodem, water of lucht. Ik werk voor het team Industrie waarbinnen mensen gespecialiseerd zijn in bijvoorbeeld gevaarlijke stoffen of (zoals ik) afval.

Het is dus een afwisselende baan die voldoende uitdaging biedt maar het belangrijkste is dat je staat achter hetgeen waarvoor je je functie uitoefent: toezien, en waar nodig handhaven op rechtsregels die tot doel hebben het leefmilieu te beschermen.

Waar krijg je energie van in je werk?

“Dat haal ik doorgaans uit twee type bedrijfsbezoeken die lijnrecht tegenover elkaar staan. Als eerste krijg ik energie van bedrijven die alles keurig op orde hebben: de olievaten staan netjes op een rij boven een lekbak, het terrein is keurig aangeveegd en de bedrijfsadministratiemappen bevatten tabbladen. Doorgaans is de ondernemer van een dergelijk bedrijf gepassioneerd met zijn vak bezig en is het vanzelfsprekend dat het milieuthema onderdeel uitmaakt van een goede bedrijfsvoering.

Maar ik haal ook voldoening uit mijn werk als er bij een bedrijfsbezoek wel wat aan de hand is. De vergunning is gedateerd (de hele bedrijfssituatie blijkt gewijzigd), er zijn allerlei nieuwe aan keuringen onderhevige installaties geplaatst, op verschillende plekken worden gevaarlijke stoffen opgeslagen of de interne milieucoördinator is vijf jaar geleden al vertrokken. Zo’n controlebezoek vergt uiteraard meer tijd. Vaak werk ik dan nauw samen met collega’s en ketenpartners zoals de politie, Veiligheidsregio en ILenT. Wanneer het bedrijf vervolgens de zaken weer op orde heeft en je weet dit samen te bewerkstelligen is dat een prachtig eindresultaat. Eerst ziet de ondernemer je liever gaan dan komen, maar na afloop is dat vaak omgedraaid.”